Agapornis roseicolli

Deze agapornide soort is waarschijnlijk wel de meest gehouden aga, met een rijk gamma aan kleurslagen.

Oorspronkelijk afkomstig uit Afrika, ontdekt 1793 en in 1817 als aparte soort erkend.

Van grootte variëren de aga's van 13,5 (cana) tot 16,5 cm. Men kan er makkelijk enkele jaen mee kweken, tot 10 jaar zelfs. Na 9 maand zijn ze reeds geslachtsrijp. Ze leggen tussen 3 à 7 eieren en broeden 21 à 23 dagen, meestal na het tweede of derde ei beginnen ze.

Deze vogels bouwen zelf hun nest in een horizontaal nestblok (25x 15x15)met vezels van wilgentakken. Verstrek ze dus geregeld verse takken en ze houden aldus de vochtigheid op peil in hun nest.

Die van mij kweek ik in kolonie: 4 koppels (best gelijktijdig in de kooi plaatsen)in een buitenvolière. Ze beschikken over 8 nestkasten die op een plank staan (gelijke hoogte). Ik merk dat ze , bij mij althans in de buitenvolière, het best kweken van september tot mei.. Het zijn dus winterkwekers. Doordat ze geregeld verse schors inbrengen is het steeds warm en vochtig in het nest.

In het begin knauwen ze wat naar elkaar, maar na korte tijd zitten ze op respectabele afstand van de anderen samen met hun partner.

Het geslachtsonderscheid is niet te zien (tenzij bij cana en taranta). Bekkentest moet uitsluitsel brengen, maar is ook niet voor 100% waterdicht.

Het best is de vogels in groep een partner te laten kiezen, na een paar weken zelfstandig zijn, zoeken ze reeds een partner op. Ze hebben de reputatie partnervast te zijn, maar scheve schaatsen bestaan ook daar. Ik had ooit twee stellen bij elkaar totdat ik merkte dat het eigenlijk één man met 3 poppen was. Toch was elk ei bevrucht!

Ze nemen de gewone parkietenmengeling, eivoer, sepia, grit, kiezel en houden enorm van geweekt wittebrood. Wat trosgierst en groenvoer of fruit zijn lekker meegenomen.