Bergparkiet


Polytelis Anthopeplus, een Australische parkiet, komt voor in het ZO van Australië en een ondersoort in het ZW. Ze leven in dichtstruikgewas en hoge bomen, voornamelijk eucalyptusbeplanting. Ze leven van zaden, vruchten, nectar, knoppen en insecten. 


Deze vogel is zo'n 42cm groot en er is een duidelijk verschil tussen man en pop. De mannetjes zijn redelijk geel in hun verenkleed tegenover het olijfgroen van de pop. Ze hebben ook een veel grotere rode kleurenvlek op de vleugel en hebben ook een blauwe bovenstaart. Dit verschil treedt op vanaf de leeftijd van 7 maand.

Het zijn over het algemeen verdraagzame vogels waar men gerust zelfs kleinere vogelsoorten mag bij plaatsen. Anders is het wel gesteld met soortgenoten, dus het best per paar huisvesten.

Deze robuuste vogels houden wel van vliegen. Plaats ze daarom in een lange volière met vooraan en achteraan zitstokken. Deze eigenschap verklaart waarom deze vogels minder geschikt zijn als huiskamervogel. Ze hebben de neiging vlug te vet te worden, iets wat kan zorgen voor een mindere bevruchting. Ze hebben dus bewegingsvrijheid nodig.

Ze zijn winterhard en hoeven geen winterhok te hebben, een afgesloten hoek tegen tocht is al voldoende.

Ze nemen een goed basismengsel tot zich en lusten heel wat fruit, eivoer, honing, kiemzaad en insecten. Maagkiezel en grit mogen zeker niet ontbreken, wat wilgentakken helpen hen hun knaaglust bot te vieren. Ze verblijven ook vaak op de grond, wat kan leiden tot worminfecties. Een ontwormingskuur is dus geen overbodige luxe. Zorg er tevens voor dat de grond niet uit aarde bestaat maar betegeld of gegoten is.

Een broedblok van 60 hoog en 35 diameter geeft een goede kans tot geslaagde kweek.

Een invlieggat van 7-8 cm is O.K. Wat houtkrullen en vochtige molm op de bodem zorgen voor een goede nestvulling.

De pop legt 3-6 eitjes en broedt gedurende 21 dagen. Ze verlaat weinig het nest, enkel om zich te ontlasten. De man gaat ze voederen. Beide ouders voederen samen de jongen, die na 5 weken uitvliegen. Deze worden geringd op de dag dat de ogen opengaan (12d ongeveer) met een ring van 6mm.

Na 1,5 jaar zijn ze op kleur, maar enkel geslachtsrijp op de leeftijd van 2 jaar.

Er is reeds een pastelmutatie ontstaan. Deze vererft autosomaal recessief, d.w.z. dat beide ouders de factor moeten meedragen vooraleer een pastel geboren kan worden.

Men stelt ze tentoon in een kooi van 65 x 40 x 60 (E model)